Bladzijde 1

Weer aanbeland bij bladzijde 1. Opnieuw beginnen, maar wel anders dan voorheen. Ik heb heus getreurd, even stil blijven staan. Maar binnenin mij groeide kracht om door te gaan. En ik...

Weer aanbeland bij bladzijde 1.
Opnieuw beginnen, maar wel anders dan voorheen.
Ik heb heus getreurd, even stil blijven staan.
Maar binnen in mij groeide kracht om door te gaan.

En ik ben niet echt veranderd, ik begin van vooraf aan.

Vanaf bladzijde 1, vanaf bladzijde 1.
Vanaf bladzijde 21 kijk ik weer vooruit.
Het gaat beter dan voorheen.

Talloze kansen kom ik tegen onderweg.
Zo voor het grijpen, de één nog mooier dan de rest.
Laat mij maar bouwen, laat mij maar gaan.
Ik denk dat ik nu wel weet hoe ik weer op moet staan.

En ik ben niet iemand anders, ik begin van vooraf aan.

Vanaf bladzijde 1, vanaf bladzijde 1.
Vanaf bladzijde 31 ben ik niet alleen.
Het gaat beter dan voorheen.

‘Tuurlijk was het mooi geweest als het in één keer was gegaan.
Maar ik krijg een tweede kans, dus die pak ik heel graag aan.
En ik schrijf een heel nieuw hoofdstuk, begin van vooraf aan.

Vanaf bladzijde 1, vanaf bladzijde 1.
Vanaf bladzijde 41 ben ik er wel uit…
Vanaf bladzijde 1, vanaf bladzijde 1.
Laat de rest maar komen, want mijn boek is nog niet uit.
Ik schrijf wel honderduit.

Dat doe je goed

Steeds weer als ik de kustlijn zie, dat gevoel van bijna thuis zijn, bijna thuis zijn. Vanuit het kleine vliegtuigraam zie ik de steden en de dorpen. Hier ben ik geboren. Ik wil overal heen, als ik hier maar terugkom. En ik voel de...

Steeds weer als ik de kustlijn zie,
dat gevoel van bijna thuis zijn.
Bijna thuis zijn.
Vanuit het kleine vliegtuigraam
zie ik de steden en de dorpen.
Hier ben ik geboren.

Ik wil overal heen, als ik hier maar terugkom.
En ik voel de vliegtuigwielen op de grond.

Hier stond mijn wieg.
Kreeg ik mijn naam.
Leerde ik het leven te verstaan (verstaan).
Vanuit hier kan ik de wereld aan.
Durf ik mezelf te laten gaan (te gaan).
Jij bent er altijd nog.
Dat doe je goed.

Gate 22, wij staan stil.
Het vliegtuig leeg, het land iets voller.
Ik en mijn koffer.
Hoe vertrouwd kan al die drukte zijn.
Volle wegen, volle trein.
En even langs de Albert Heijn.

Ik wil overal heen, als ik hier maar terugkom.
Want ik voel me thuis op die vertrouwde grond.

Hier stond mijn wieg.
Kreeg ik mijn naam.
Leerde ik het leven te verstaan (verstaan).
Vanuit hier kan ik de wereld aan.
Durf ik mezelf te laten gaan (te gaan).
Jij bent er altijd nog.
Dat doe je goed.

En binnen 10 minuten zie ik weer wat er aan schort.
Je bent het paradijs niet, je schiet zo vaak te kort.
Maar als het regent, als het stormt,
Ben je nooit gebroken.
Kom je altijd boven.
Je komt altijd boven.

Hier stond mijn wieg.
Kreeg ik mijn naam.
Leerde ik het leven te verstaan (verstaan).
Vanuit hier kan ik de wereld aan.
Durf ik mezelf te laten gaan (te gaan).
Jij bent er altijd nog.
Dat doe je goed.

Mis je mij?

Mis je mij, mis je mij wel eens? Denk je terug aan de dagen, verloren aan het strand? Weggespoeld door de golven. Mis je mij, mis je mij? Zie je mij, zie je mij wel eens? Zie je mij jou passeren?

Mis je mij, mis je mij wel eens?
Denk je terug aan de dagen, verloren aan het strand?
Weggespoeld door de golven.

Mis je mij, mis je mij?
Zie je mij, zie je mij wel eens?
Zie je mij jou passeren?
Ook als ik het niet was of denk je daar nooit aan?
Zie je mij, zie je mij?

Oh, ik zou wel willen weten of jij je wel eens omdraait en even naar ons lacht.
Oh, ik ben je niet vergeten als ik staar naar de wolken en heel soms op je wacht.
Mis je mij?

Zoek je mij, zoek je mij wel eens?
Een verloren foto achter de spiegel.
Of de groetjes van een vriend die je lang niet had gesproken.
Zoek je mij, zoek je mij?

Oh, ik zou wel willen weten of jij je wel eens omdraait en even naar ons lacht.
Oh, ik ben je niet vergeten als ik staar naar de wolken en heel soms op je wacht.
Als ik eigenlijk niet wil weten dat het ooit zo anders.

Ik leef wel door en huil niet meer.
Maak je maar druk om mij, ik red me wel.
Maar diep in mij vraag ik me af of jij niet voelt wat ik ook voel nu dit verhaal nooit echt is afgeschreven.
Nu dit verhaal nooit echt is afgeschreven.

Mis je mij, mis je mij wel eens?
Denk je terug aan alle tijden dat we niet hoefden te praten of te zwijgen?

Dit jaar

Ik zie hoe ze vervagen. Die dromen waren eens mijn thuis. Er zijn tranen, er zijn vragen. Er zijn plannen doorgekruist. Was het een illusie die ik heb nagejaagd? Ik kijk over mijn schouder...

Ik zie hoe ze vervagen.
Die dromen waren eens mijn thuis.
Er zijn tranen, er zijn vragen.
Er zijn plannen doorgekruist.
Was het een illusie die ik heb nagejaagd?

Ik kijk over mijn schouder naar wat ik wil onthouden.
Maar wat verloren gaat en met de tijd vervliegt.
Ik kijk met hoop naar morgen, wie zal er voor mij zorgen?
Wie zal er voor mij zijn?
Wat ligt er in ’t verschiet?
Wie geeft het antwoord, want ik weet het niet.

Ik heb me wel vermaakt.
Het was me aangenaam.
En heb ik echt gelachen?
Jawel, maar niemand riep mijn naam.
Was het een illusie, een tocht door niemandsland?

Ik kijk over mijn schouder naar wat ik wil onthouden.
Maar wat verloren gaat en met de tijd vervliegt.
Ik kijk met hoop naar morgen, wie zal er voor mij zorgen?
Wie zal er voor mij zijn?
Wat ligt er in ’t verschiet?
Wie geeft het antwoord, want ik weet het niet.

Want is dit het nu, was dit het waard?
Wat blijft er staan als straks een nieuwe morgen in zal gaan?
Zal wat ik heb en ben geweest voldoende zijn, voldoende zijn?

Ik kijk over mijn schouder naar wat ik wil onthouden.
Maar wat verloren gaat en met de tijd vervliegt.
Ik kijk met hoop naar morgen, wie zal er voor mij zorgen?
Wie zal er voor mij zijn?
Wat ligt er in ’t verschiet?
Hij geeft het antwoord, want ik weet het niet.

Klein zusje

Hee klein zusje, ik hoor je hebt bezoek gehad vannacht. Geen onbekende, maar iemand die je stiekem had verwacht. Je hebt open gedaan, de deur heel wijd open gedaan. Toen je hem met zo’n goedkoop boeketje daar zag staan.

Hee klein zusje, ik hoor je hebt bezoek gehad vannacht.
Geen onbekende, maar iemand die je stiekem had verwacht.
Je hebt open gedaan, de deur heel wijd open gedaan.
Toen je hem met zo’n goedkoop boeketje daar zag staan.

Hee klein zusje, ik hoor je hebt bezoek gehad vannacht.
Geen onbekende, maar iemand die je zeker had verwacht.
Je hebt open gedaan, de deur heel wijd open gedaan.
Je hebt ‘m als vanzelf en zomaar binnen laten gaan.

Duizend beloftes.
Duizend beloftes deed ‘ie jou.
Beloftes bij een goed glas wijn en dan een glad verhaal.
Hoe dan dacht je dat dit werken zou?
Kom op, wat denk je nou?

Hee klein zusje, ik hoor je hebt bezoek gehad vannacht.
Hij bleef niet slapen, tenminste niet de hele lange nacht.
Hij werd namelijk gewoon in zijn eigen bed verwachten.
Waar zij maar lag te malen over waar hij was.

Duizend beloftes.
Duizend beloftes deed ‘ie jou.
Beloftes bij een goed glas wijn en dan een glad verhaal.
Hoe dan dacht je dat dit werken zou?
Kom op, wat denk je nou?

Maar je weet, ik laat je niet vallen.
Ook al zit je met je handen in het haar.
Ik kijk naar jou en ik weet zeker: jij bent zoveel meer, zoveel meer waard.
Jij bent zoveel, zoveel meer…
Wat dacht je nou, hm?

Duizend beloftes.
Duizend beloftes deed ‘ie jou.
Beloftes bij een goed glas wijn en dan een glad verhaal.
Hoe dan dacht je dat dit werken zou?
Dacht je écht dat dit wat worden zou?
Kom op, wat denk je nou?
Kom op, wat dacht je nou?

Wat je doet

ft. MaddoC

Het is mooi weer, het dak mag open. Haren in de wind en de koffers achterin. De snelweg leeg, een hoofd vol dromen. Alles ingepakt voor een nieuw begin. Daar ga je dan. Zonder echt een doel zoek je een weg, gewoon op je gevoel...

Het is mooi weer, het dak mag open.
Haren in de wind en de koffers achterin.
De snelweg leeg, een hoofd vol dromen.
Alles ingepakt voor een nieuw begin.

Daar ga je dan.
Zonder echt een doel zoek je een weg.
Gewoon, op je gevoel.

Ga, je nieuwe leven wacht.
En wat je ook verwacht.
Ik hoop dat het zal brengen wat je wilt.
Dus ik zeg ga, maak een nieuw begin.
Je nieuwe leven in, het komt wel goed.
Want jij weet wat je doet.

De laatste veerpont van vanavond.
Je rijdt langzaam van het land, er is nog plek genoeg.
Dus ik zeg: je bent nu dichterbij.
Je bent op weg, naar waar je graag wilt zijn.

Ga, je nieuwe leven wacht.
En wat je ook verwacht.
Ik hoop dat het zal brengen wat je wilt.
Dus ik zeg ga, maak een nieuw begin.
Je nieuwe leven in, het komt wel goed.
Want jij weet wat je doet.

Wat je wilt, wat je zegt, wat je vraagt, je verlangt, wat je maakt, wie je bent, wat je raakt.
En je geeft en je deelt en je bent wie je bent. Jij weet wat je doet.
Wat je wilt, wat je zegt, wat je vraagt, je verlangt, wat je maakt, wie je bent, wat je raakt.
En je geeft en je deelt en je bent wie je bent. Jij weet waar je gaat.

Ga, je nieuwe leven wacht.
En wat je ook verwacht.
Ik hoop dat het zal brengen wat je wilt.
Dus ik zeg ga, maak een nieuw begin.
Je nieuwe leven in, het komt wel goed.
Want jij weet wat je doet.

Ja, want ik kies niet de makkelijke weg.
En dat is makkelijker gezegd dan gedaan.
Maar ik ben op de bres gaan staan voor mezelf,  kid.
Omdat jij veel meer aan mij hebt als ik lekker in m’n vel zit.
Ik zie een haven aan de horizon verschijnen.
En ik mijmer over rijden over eindeloze vlaktes,
waar de tijd niet begrenst.
Waar niemand mij kent.
En voor het eerst voel ik echt dat ik mezelf ben.
Dus ik maak een nieuwe start.
En het komt goed, het komt goed.

Schuil bij mij

Hoe ver denk je nog te kunnen lopen? De tijd die jaagt, je staat nooit stil. Je verloor jezelf en nu kun je slechts hopen dat je ooit komt waar je wilt. Weet je nog, de zomers duurden langer? Waar is nu dat onbevangen kind? Vol vertrouwen, passie en verlangen.

Hoe ver denk je nog te kunnen lopen?
De tijd die jaagt, je staat nooit stil.
Je verloor jezelf en nu kun je slechts hopen dat je ooit komt waar je wilt.

Weet je nog, de zomers duurden langer?
Waar is nu dat onbevangen kind?
Vol vertrouwen, passie en verlangen.
Dat nu de weg niet meer terugvindt.

Diep van binnen wil je opnieuw beginnen.
Je hoeft niet meer te winnen.
Leg je handen in de mijne.
Schuil bij mij.

Hoe lang denk je nog te kunnen rennen?
Je benen broos, je adem stokt.
Een hoofd vol stemmen die je steeds vertellen dat het altijd beter moet.

Weet je nog, de zomers duurden langer?
Waar is nu dat onbevangen kind?
Vol vertrouwen, passie en verlangen.
Dat nu de weg niet meer terugvindt.

Diep van binnen wil je opnieuw beginnen.
Je hoeft niet meer te winnen.
Leg je handen in de mijne.
Schuil bij mij.

Schuil bij mij, schuil bij mij, je hoeft meer te winnen, huil bij mij.
Schuil bij mij, schuil bij mij, je hoeft meer te winnen, huil bij mij.

Diep van binnen wil je opnieuw beginnen.
Je hoeft niet meer te winnen.
Leg je handen in de mijne.
Schuil bij mij.